Niet alles over inbraak is waar: 7 inbraakmythes

Sluwe jongens op zoek naar villa’s, die vervolgens ruim de tijd nemen om van boven tot onder een rotzooi te maken… Is dat ook jouw beeld van een inbreker? Er zijn een aantal hardnekkige inbraakmythes, maar zijn ze nu waar of niet?  Zeven inbraakmythes voor je op een rij.

Inbrekers zijn professionals

Dat heb je verkeerd gedacht. Zo’n 70 tot 80 procent van de inbrekers is een gelegenheidsinbreker. Dat zijn die types die met een breekijzer of schroevendraaier op pad gaan. En zien zij ergens iets waardevols liggen dat ze kunnen verkopen, dan slaan zij hun slag.

Netjes via de voordeur

Dit dacht jij vast ook niet! Dat zou natuurlijk veel te opvallend zijn. Inbrekers gaan dan ook liever achterom. Daar is minder licht, zijn minder mensen en kunnen ze zich verschuilen achter een heg of schutting. Kortom, aan de achterzijde van een huis valt hij minder op en kan hij rustig zijn gang gaan.

Inbrekers zijn dol op villa’s

Villa’s en vrijstaande huizen zijn populair onder inbrekers. Aangezien ze denken dat daar meer te halen valt en ze kunnen ongestoord hun gang gaan. Toch zijn er ook veel inbraken in appartementen en rijtjeshuizen. Het maakt de gelegenheidsinbreker namelijk niet uit waar, als hij maar iets waardevols vindt. En bovendien zijn ze vrij lui, vaak slaat hij al na een reis van gemiddeld 800m toe.  

Dichtbij de snelweg = snel weg

Het lijkt misschien alsof er in de stad vaker wordt ingebroken, maar niets is minder waar. Inbrekers slaan liever toe op afgelegen plekken en in dorpjes. Waarom? Inbrekers willen ook gewoon snel klaar zijn. En een dorpje langs een snelweg ben je nu eenmaal sneller in en uit dan een grote stad.

Inbrekers maken er een uitgebreid bezoek van

Inbrekers zijn vaak in 30 seconden binnen én staan na 5 minuten weer buiten. Het beeld dat ze uitgebreid door al je bezittingen gaan of nog een biertje uit je koelkast opentrekken is dus niet waar. Maar helaas kunnen ze ook in korte tijd veel rommel maken.

Jongeren zijn vaker slachtoffer

Dit is waar. Jongeren hebben nu eenmaal vaker duurdere ‘gadgets’ in huis. Laptop, tablet, smartphone of een luxe televisie. Ziet een gelegenheidsinbreker tijdens zijn wandeling, dan is de keuze snel gemaakt. Dat is minder moeite dan zoeken naar die goed verstopte geldkluis van opa en oma.

Inbrekers hebben geen weekend

Je zou denken dat inbrekers juist graag toeslaan. We zijn een dagje uit of sport met de kids. Toch zijn zaterdag en zondag de minst populaire dagen. Juist op dinsdag en donderdag zien zij kans. Zo zie je maar dat inbrekers ook maar gewoon mensen zijn en van hun weekendrust genieten.

Inbrekers zijn nachtbrakers

Niet waar! En die zag je niet aankomen he?! Juist in de avond tussen 18.00 en 20.00 is er een piek in het aantal inbraken. Ben je net een keer iets later thuis, dan valt dat direct op doordat het licht nog niet brand. En dat is nu net een uitnodiging voor een gelegenheidsinbreker. Tip: zorg dat je in de wintermaanden een timer op je verlichting hebt of dat je deze op afstand aan kunt zetten.

Extra weetje: Daarom is de winter ook zo populair onder inbrekers. Dan is het eerder donker en daar profiteren ze optimaal van. Onverlichte woningen verraden waar ze toe kunnen slaan.